Stage en verplichtingen

Tijdens uw 3 jaar stage bij een stagemeester bent u als advocaat-stagiair volwaardig advocaat. U moet wel enkele extra verplichtingen nakomen. Zo moet u een beroepsopleiding volgen, examens afleggen en deelnemen aan de juridische tweedelijnsbijstand (pro Deo).

Stageverplichtingen

Als advocaat-stagiair moet u tijdens uw eerste jaar de beroepsopleiding volgen. Die biedt een praktische aanvulling op uw universitaire opleiding, met verplichte vakken als deontologie, burgerlijk procesrecht, strafprocesrecht en communicatievaardigheden. Daarnaast zijn er ook nog keuzevakken zoals jeugdrecht, vreemdelingenrecht of familierecht. De beroepsopleiding bestaat uit 72 studiepunten.

Op het einde legt u als stagiair per vak een examen af. Slaagt u voor al die examens, dan krijgt u een bekwaamheidsattest van de Orde van Vlaamse Balies. 

Als advocaat-stagiair bent u ook verplicht deel te nemen aan de juridische bijstand voor minvermogenden of zogenaamde gelijkgestelde categorieën (tweedelijnsbijstand, ook wel pro Deo genoemd).

Inschrijven voor de beroepsopleiding kan via het e-loket.

Praktische info en tips

  1. Maak duidelijke afspraken met uw stagemeester, o.a. over uw beschikbaarheid en vergoeding. Dat kan via het modelcontract van de OVB.
  2. De minimumvergoedingen voor stagiairs zijn vastgelegd in Hoofdstuk II.1 van de Codex Deontologie voor Advocaten. Voor een voltijdse beschikbaarheid tijdens het eerste stagejaar krijgt u 1.400 euro. Vanaf het tweede stagejaar wordt dat 1.950 euro (bedragen geldig vanaf 1 september 2018).
  3. Voor de beroepsopleiding kunt u gebruikmaken van de subsidies van de KMO-portefeuille van de Vlaamse overheid. Meer info? www.kmo-portefeuille.be
  4. Een stagiair is advocaat en dus zelfstandige. U moet dus een ondernemingsnummer aanvragen, ingeschreven zijn bij een sociaal verzekeringsfonds en aan bepaalde fiscale verplichtingen voldoen. Sinds 1 januari 2014 is er 21% btw verschuldigd op advocatenerelonen.
  5. Elke advocaat, ook een stagiair, moet een advocatenkaart hebben. Die kaart geeft toegang tot het online DPA-platform. Vraag uw kaart aan via deze link. Meer info? www.dp-a.be/nl.

Veelgestelde vragen

  • De stage wordt geëvalueerd op grond van de verslagen van de stagemeester(s) en de voorzitter van het Bureau voor Juridische Bijstand en op basis van het verslag van de stagecommissie naar de Raad.
  • Ja, dat kan, voor zover de stageverplichtingen nagekomen worden en de beschikbaarheid voor de cliënten niet in het gedrang komt. Daarnaast moet de stagemeester bereid zijn contractueel een verminderde beschikbaarheid te aanvaarden in de stageovereenkomst.
  • Neen. Een schriftelijke stageovereenkomst tussen stagemeester en stagiair is verplicht, maar of dat via het modelcontract van de OVB gebeurt of niet, heeft geen belang. Dat schriftelijk contract tussen stagemeester en stagiair is bovendien in het Nederlands opgesteld (ook indien de stagemeester een EU-advocaat is). Beide partijen mogen op eigen initiatief en op eigen kosten uiteraard voor een vertaling zorgen.
  • Ja. Elke stagemeester moet op het einde van de stage een verslag opstellen (dus niet bij beëindiging van de overeenkomst tussen stagemeester en stagiair). Wanneer een stagiair van balie verandert, moet de balie waar de stagiair vertrekt alle documenten opvragen en bezorgen aan de stagecommissie van de nieuwe balie van de stagiair.
  • Bij verminderde beschikbaarheid van de stagiair wordt op voorhand afgesproken dat een stagiair minder tijd spendeert in en voor het kantoor van zijn stagemeester. Er mag daarbij geen rekening worden gehouden met de prestaties die door de stafhouder of in het kader van de juridische bijstand worden opgelegd.
  • Voltijdse beschikbaarheid (zie Hoofdstuk II.1 van de Codex Deontologie voor Advocaten) houdt in dat een stagiair 5 dagen per week gedurende een normale werkdag beschikbaar is voor zijn stagemeester, voor de zaken waarin hij ambtshalve werd aangesteld door de stafhouder en voor zaken van het Bureau voor Juridische Bijstand. Er wordt gewerkt tijdens normale werkuren op normale werkdagen, zoals op een doorsnee advocatenkantoor. Enerzijds gelden de effectieve uren waarop nuttige arbeid wordt verricht, anderzijds ook de ‘onproductieve’ tijd (wachten op de rechtbank).